20 juli: Mesa Magic
Onze reis begon al bijzonder. We waren gewaarschuwd voor lange rijen op Schiphol; nieuwe technische oplossingen bij de douane zorgden voor urenlange wachtrijen, zo verteldenterwijl. Zelfs de taxidame zorgde ervoor dat we wat vroeger dan afgesproken op Schiphol waren, zodat we zeker op tijd door de douane zouden zijn. Wat schetst onze verbazing..... slechts een paar minuten wachten om de koffers in te leveren en langzaam doch gestaag doorlopen bij de Douane. Binnen het half uur waren we helemaal binnen en zaten we aan de thee.
Nee, dan Houston. Daar waren de rijen eindeloos. Een Nederlands stel voor ons had hoop gehad in anderhalf uur te kunnen overstappen, maar dat lukte helemaal niet. In twee uur waren we door de douane en konden we op zoek naar lekker eten (vliegtuig-eten lusten wij nog steeds niet). Ruby`s serveerde een heerlijke vegetarische burger en heel veel gezelligheid.
Om 20.00 uur stonden we in Phoenix, bij de autoverhuur die een Toyota klaar had staan. En Chris zou Chris niet zijn als hij niet aan de meneer had uitgelegd dat we naar Amerika komen om in Amerikaanse auto`s te rijden: en dus werd de Toyota een Jeep Patriot. Rijdt prima, maar niet zo fijn als onze eigen Jeep Wagoneer, alhoewel de airco het wel veel beter doet.
En toen gingen we op stap. Naar de film (
de film is hier `s middags uitverkocht, want dan zoekt iedereen de
koelte op), lekker eten bij Mexicaanse eethuisjes, winkelen (Bookmans is
onze favoriete tweedehands boekhandel), even voor honing en een lunch
naar Strawberry en Pine ( een van Chris` meest geliefde plaatsen in
Arizona, twee uur rijden van Mesa) en op zondagochtend mee
naar de kapper (ja heus, ook chris ging naar de kapper en
Chris genoot ervan dat zijn baard liefdevol werd getrimd door een
prachtig getatoeëerde kapster).
Vandaag gaan we onze kampeerspullen in orde maken, want
morgen gaan we op pad met auto en tent, richting noorden. Maar omdat
hier op het moment heel veel flash floods zijn (tropical storm Dolores
komt over), weten we nog niet precies waar we naartoe gaan.
26 juli: Phoenix to Blue ridge (Arizona)
Na een paar dagen lekker in Phoenix gelogeerd te hebben , zijn we vol enthousiasme aan ons rondje begonnen.
Na zo'n 50 km vond Chris het tijd voor een mooie foto. Hij zag een afslag van de 87 die precies het juiste decor was. Na 5 foto's gingen we nog even door op dit pad. En heee, volgens de Amerikaanse TomTom kwam dit pad, na 8 mijl, ook weer uit op de oorspronkelijke route. Zo gezegd, zo gedaan. 8 mijl mooi pad. Maar na 8 mijl was het pad niet afgelopen, we sloegen toen af een ander pad op.
Na zo'n 50 km vond Chris het tijd voor een mooie foto. Hij zag een afslag van de 87 die precies het juiste decor was. Na 5 foto's gingen we nog even door op dit pad. En heee, volgens de Amerikaanse TomTom kwam dit pad, na 8 mijl, ook weer uit op de oorspronkelijke route. Zo gezegd, zo gedaan. 8 mijl mooi pad. Maar na 8 mijl was het pad niet afgelopen, we sloegen toen af een ander pad op.
Om een mooi, zanderig verhaal maar
kort te maken: na vele,vele mijlen kwamen we weer uit op asfalt, in de
goede richting, dat wel.
Die avond eindigde we Blue Ridge, een mooie camping. Een paar jaar geleden is hier bosbrand geweest. Nu komt het groen weer terug, maar er zijn veel minder squirrels en andere beesten dan de vorige keer dat we hier waren.
We waren van plan de volgende dag door te stomen in de richting Gallup, Durango en Denver , maar het is zo mooi en zo leuk op de camping dat we er zijn gebleven, althans tot nu toe.
We hebben ondertussen de omgeving natuurlijk goed bekeken: Clinton Wells is te klein om waar te zijn, Pine en Payson zijn schattig, Flagstaf is een wintersportplaats die ook aan de route 66 ligt en dat goed laat zien en die een echte universiteitsstad is (UNA).
De camping is zeer geliefd, zeker in het weekeinde. Vrijdagmiddag was hij al helemaal vol ( er zijn wel 10 plaatsen!) en vanmorgen om half acht kwamen er alweer families kijken of er misschien een plaatsje vrij was of vrij kwam. Tot half twaalf was het een gaan en komen, maar toen was de camping weer vol.
Morgen komt ons plaatsje vrij, want dan gaan wij weer verder.
Die avond eindigde we Blue Ridge, een mooie camping. Een paar jaar geleden is hier bosbrand geweest. Nu komt het groen weer terug, maar er zijn veel minder squirrels en andere beesten dan de vorige keer dat we hier waren.
We waren van plan de volgende dag door te stomen in de richting Gallup, Durango en Denver , maar het is zo mooi en zo leuk op de camping dat we er zijn gebleven, althans tot nu toe.
We hebben ondertussen de omgeving natuurlijk goed bekeken: Clinton Wells is te klein om waar te zijn, Pine en Payson zijn schattig, Flagstaf is een wintersportplaats die ook aan de route 66 ligt en dat goed laat zien en die een echte universiteitsstad is (UNA).
De camping is zeer geliefd, zeker in het weekeinde. Vrijdagmiddag was hij al helemaal vol ( er zijn wel 10 plaatsen!) en vanmorgen om half acht kwamen er alweer families kijken of er misschien een plaatsje vrij was of vrij kwam. Tot half twaalf was het een gaan en komen, maar toen was de camping weer vol.
Morgen komt ons plaatsje vrij, want dan gaan wij weer verder.
30 juli: Blue Ridge to North Bank (Colorado)
Indianenland, daar komen we eigenlijk altijd voor. Dus een
route uitgezet via Gallup naar Durango, door Navaholand in New Mexico.
Ondanks het mooie weer en de prachtige natuur toch deze keer een wat
trieste omgeving. Weinig te beleven, bijna alles closed, piepkleine
huisjes (meer motelkamers dan huisjes in onze ogen), weinig kleur.
Het werd pas gezellig toen we in Colorado kwamen. Colorado is het land van de wintersport (Aspen) maar ook in de zomer is hier van alles te doen, en daar zijn ze hier gek op. Voor iedereen die van wandelen, hiken, fietsen, kanoën, mountainbiken, motorfietsen, Jeepen of offroaden houdt, is het hier de ideale vakantieplaats: het is hier een grote speeltuin ( one big recreational area, zoals de Camp Host ons vertelde). Er kwam zelfs een grote fietswedstrijd met driehonderd fanatieke deelnemers de berg af over het pad door de camping!
Het werd pas gezellig toen we in Colorado kwamen. Colorado is het land van de wintersport (Aspen) maar ook in de zomer is hier van alles te doen, en daar zijn ze hier gek op. Voor iedereen die van wandelen, hiken, fietsen, kanoën, mountainbiken, motorfietsen, Jeepen of offroaden houdt, is het hier de ideale vakantieplaats: het is hier een grote speeltuin ( one big recreational area, zoals de Camp Host ons vertelde). Er kwam zelfs een grote fietswedstrijd met driehonderd fanatieke deelnemers de berg af over het pad door de camping!
Even voor de kaartlezers: vanuit Blue Ridge zijn we via de
87 en de I-40 naar Gallup gegaan en daar via 666 (491) en de 550 naar
Durango. Daar lekker in een motel geslapen. De volgende dag via de 550
naar Montrose en de 50 naar Gunnison.
Voor de Jeepers: op weg naar Montrose zijn wij door Silverton en Ouray gekomen: het Mekka voor Jeeprijders!! In Ouray stonden zelfs bejaarde Amish in de rij om een kaartje voor een tochtje in een offroad-busje te kopen. ( We vinden hier trouwens meer Amish-zaken: wat dacht je van Amish Blue Cheese, hier in de winkel? Erg lekker!!)
Voor de Jeepers: op weg naar Montrose zijn wij door Silverton en Ouray gekomen: het Mekka voor Jeeprijders!! In Ouray stonden zelfs bejaarde Amish in de rij om een kaartje voor een tochtje in een offroad-busje te kopen. ( We vinden hier trouwens meer Amish-zaken: wat dacht je van Amish Blue Cheese, hier in de winkel? Erg lekker!!)
Hier, in Gunnison National Forest, zijn talloze campings,
variërend van 10 tot 100 plaatsen. We hebben er veel bekeken ( en
afgekeurd) voordat we North Bank vonden: klein, mooie plekjes, en -heel
belangrijk- een gezellige Camp Host.
Vanaf de camping zijn we via mooie paden naar Tincup en Pitkin gereden, via de CumberlandPass. Ook en dirt trail (zandpad met stenen): heel mooi, heel spannend, heel hoog (meer dan 12.000 feet). Iets minder hoog, maar minstens even mooi waren de Cottonwood pass, Kebler pass en Elk loop.
En terwijl ik dit schrijf voor mijn tent, staan Chris en
de camp host, Charlie, gezellig te leuteren, hoor ik de rivier stromen
en spelen een grote en twee kleine eekhoorntjes aan mijn voeten. Hoe
goed kun je het hebben!
6 augustus Op eenzame hoogte (Colorado)
Even een korte update:
Russ, een van Chris' Jeepguru's, was toevallig ook in Colorado en nodigde ons uit om een dag mee te doen met een Jeep-evenement. Op een regenachtige dag gingen we van Almont/Gunnison naar Silverton, waar Russ, met vele mede-Jeep-liefhebbers op een wilde camping stond, met stromend water in de vorm van een koud riviertje.
Ons tentje snel naast die van hem gezet.
We mochten een dag met hen
meerijden over enkele van de beroemde trails in de omgeving van
Silverton. Trails zijn paden die meestal, zo rond 1880, zijn aangelegd
voor de mijnbouw. Enkele van die paden zijn nog echt in gebruik, andere
worden nu veel gereden door Jeepers, motorfietsers en quadrijders.
De
paden zijn -natuurlijk- onverhard, smal, stenig, hoog en meestal gewoon
eng (Beatrijs). Het hoogste pad lag op ruim 14.000 feet.
Een van de paden heet "Poughkeepsie trail". Daar ligt een obstakel dat "The Wall" wordt genoemd. Daar hadden enkele Jeeps wat moeite om omhoog te komen, maar met lieren en goede aanwijzingen lukte het prima.
's Avonds werd er lekker gegeten, woest gekampvuurd en en kwamen de sterke verhalen. De nachten waren ijskoud en het gebrom van de vele generatoren werd overstemd door het gehuil van coyotes.
Het waren bijzondere dagen.
En na deze spanning en sensatie in koel, bosrijk land was
het weer tijd om de droogte en warmte op te zoeken. We hebben de US 550
naar het zuiden genomen en zitten nu in Socorro, New Mexico: heerlijke
droge hitte in wijde valleien.
11 augustus: Weer terug naar de woestijn(New Mexico en Arizona)
Na al die prachtige bergen, bomen, bossen en koele nachten in
Colorado waren we wel weer toe aan woestijn en warmte. We kozen voor de
route naar Phoenix dus niet de voor de hand liggende US 87 want dat was
nog meer bomen, bos en koelte, nee, we kozen voor de US 550 naar het
zuiden, naar Albuquerque in New Mexico, woestijn en zon.
De US 550 is een doorgaande weg, maar wel met relatief veel dorpjes, eethuizen en andere bezienswaardigheden. Het duurde niet lang voordat de temperatuur weer gestegen was naar de 90F, en we weer reden door brede valleien met veel cholla's en andere woestijnplanten. Heerlijk!!
De US 550 is een doorgaande weg, maar wel met relatief veel dorpjes, eethuizen en andere bezienswaardigheden. Het duurde niet lang voordat de temperatuur weer gestegen was naar de 90F, en we weer reden door brede valleien met veel cholla's en andere woestijnplanten. Heerlijk!!
We kwamen langs
Socorro (lekker geslapen en gegeten in een eethuisje op "walking
distance" van het motel: nog nooit eerder gehoord dat iets in de VS op
loopafstand was volgens een Amerikaan), Truth or Consequences (dit
stadje heeft deze naam (meestal maar afgekort tot "T or C") te danken
aan een weddenschap op de radio in de eerste helft vorige
eeuw........tsja...), Las Cruces, Demming en, Tuscon.
Natuurlijk hebben we in Tuscon in
het vliegtuigmuseum - Pima Air Museum- rondgelopen en naar de nieuwste
aanwinsten en restauraties gekeken. De rit eindigde in Mesa-Phoenix, om er
nog een paar dagen bij onze vrienden te logeren. Samen hebben we op een avond -in hun Mustang door de stad gecruised
en hebben we op zondag de Apache Trail gereden.
Dit is een unpaved road van
Tortilla Flat naar Lake Roosevelt. Langs deze trail staan ontelbaar veel
saguaro's, prickley pear en nog heel veel andere cactussoorten en het
uitzicht op het gigantische Lake Roosevelt is fenomenaal. Een prachtige,
heerlijk warme, afsluiting van onze vakantie.
Bekijk hier de foto's